Structureel te hoge en te lage grondwaterstanden

Een grondwaterstand wordt als structureel te hoog gedefinieerd als deze, ten minste voor drie opeenvolgde jaren, langer dan vier opeenvolgende weken per jaar hoger is dan NAP -1,85 m (afwijkend van wat is aangegeven in het grondwaterzorgplan). Een structureel te hoge grondwaterstand komt voor ter plaatse van de peilbuizen 7, 9, 16, 18, 26, 29A, 30A, en mogelijk bij 49.

Structureel te hoge grondwaterstanden

Peilbuis 7, 16, 18, 26, 29A en 30A meten een structureel te hoge grondwaterstand. Peilbuis 9 komt de waterstand ook boven de maximaal gewenste grondwaterstand, maar dit is niet structureel. De metingen bij peilbuis 49 zijn soms hoger dan de maximaal gewenste grondwaterstand, vanwege het beperkt aantal metingen is nog niet duidelijk of dit ook structureel het geval is.

Hoge grondwaterstanden komen ook voor bij peilbuis 32A, 36 en 38. Bij peilbuis 32A komen waterstanden voor hoger dan de maximaal gewenste grondwaterstand. Dit is alleen niet langer dan vier opeenvolgende weken het geval (in 2020 twee weken en in 2021 slechts enkele dagen), hiermee is het geen structureel te hoge grondwaterstand. Bij peilbuis 36 is de grondwaterstand weer gedaald nadat de mondingen van de drainages weer zijn opengezet. De waterstand ligt nabij het oppervlaktewaterpeil. De laatste drie jaren komt de waterstand niet meer langdurig boven de maximaal gewenste grondwaterstand. Bij peilbuis 38 is de hoge grondwaterstand geen probleem, in de directe omgeving is geen bebouwing aanwezig.

Structureel te lage grondwaterstanden

Een grondwaterstand wordt als structureel te laag gedefinieerd als deze, ten minste voor drie opeenvolgde jaren, langer dan vier weken per jaar (cumulatief) lager is dan het bovenste funderingshout in de directe omgeving. Als de funderingsniveaus niet bekend zijn, wordt een ontwatering van 1,5 m als signaleringswaarde gebruikt. Bij de peilbuizen 2, 30 en 50 is de grondwaterstand structureel te laag.

Bij peilbuis 2 ligt de grondwaterstand meer dan 3 meter onder maaiveld. De lage grondwaterstanden zijn te verklaren doordat dit een buitendijks gebied betreft waarbij het maaiveld veel hoger ligt dan het omliggende oppervlaktewaterpeil. De meeste bebouwing in de omgeving van dit meetpunt is van na 1979 is of uit de jaren 70. Gezien de grote ontwateringsdiepte kan er aangenomen worden dat er bij de bouw rekening is gehouden met deze lage grondwaterstanden. Er worden in de omgeving van deze peilbuis dus geen problemen verwacht met betrekking tot te lage grondwaterstanden en funderingen.

Na de rioolvervanging in 2017 lijkt de grondwaterstand iets toe te nemen dit is vooral zichtbaar in de natte periodes, het is de verwachting dat deze toename niet tot problemen leidt.

Bij peilbuis 29 ligt de grondwaterstand meer dan 2 meter onder maaiveld. De lage grondwaterstanden zijn te verklaren doordat dit een buitendijks gebied betreft waarbij het maaiveld veel hoger ligt dan het omliggende oppervlaktewaterpeil. De gemeente heeft aangegeven, dat in dit gebied alleen nieuwbouw voorkomt met betonnen paalfundering. Het gebied als geheel is een woonwijk zonder kwetsbare groenvoorzieningen. Zetting zal naar verwachting ook geen probleem zijn (niet meer dan in andere gebieden binnen Krimpen) doordat bij de aanleg van de wijk ophoging/grondverbetering heeft plaatsgevonden. Langs de dijk (IJsseldijk) bevindt zich echter wel bebouwing met als bouwjaar 1959 en 1936 of ouder. Deze bebouwing kan wel gevoelig zijn voor lage grondwaterstanden. Deze peilbuis is vervangen door peilbuis 29A die zich binnendijks bevindt. Bij deze nieuwe peilbuis 29A ligt de grondwaterstand hoger dan 1,5 meter onder maaiveld.

Bij peilbuis 30 ligt de grondwaterstand vrijwel altijd onder de signaleringswaarde van 1,5 meter onder maaiveld. Bij deze peilbuis wordt dit veroorzaakt door de drainerende werking van het aanwezige lekke riool. Het drainerende effect van de riolering is zeer lokaal. Vlakbij peilbuis 30 is peilbuis 30A geplaatst.

De grondwaterstand in peilbuis 30A ligt hoger dan in peilbuis 30 en voldoet aan de minimaal gewenste grondwaterstand, ook in het droge jaar 2018 en 2020. Dit geeft aan dat grondwateronderlast zeer lokaal kan voorkomen. Daarnaast zal in begin 2021 reconstructie van de wijk plaatsvinden en zal door rioolvervanging en aanleg drainage de grondwaterstand beter beheerst worden.

Naast deze drie peilbuizen waar de grondwaterstand structureel te laag is, zijn er twee peilbuizen (3 en 31) waar (nog) geen sprake is van een structureel te lage grondwaterstand, maar waar dit mogelijk wel kan gaan optreden. Bij peilbuis 3 blijft de waterstand de laatste vier jaar (2018 t/m 2021) boven de minimaal gewenste grondwaterstand en bij peilbuis 31 de laatste drie jaar (2019 t/m 2021). Vooralsnog is er geen sprake van een structureel te lage waterstand.

Bij peilbuis 3 is in de afgelopen jaren geen sprake van een structureel te lage grondwaterstand. In 2008, 2009, 2010, 2012 en 2017 is de grondwaterstand meer dan 4 weken beneden de minimaal gewenste grondwaterstand geweest. In de periode 2018-2021 blijft de grondwaterstand boven de minimaal gewenste grondwaterstand. Rondom deze peilbuis komt bebouwing voor van voor 1945. Het is aannemelijk dat hier op staal en/of op houten palen is gefundeerd. Het is dus van belang om in de gaten te houden of hier in de toekomst de grondwaterstanden weer vaker onder de minimaal gewenste grondwaterstanden zakken. Ook hier zal in 2022 en 2023 reconstructie plaatsvinden en aanleg van een drainagesysteem.

De grondwaterstanden bij peilbuis 31 zijn in 2016, 2017 en 2018 langer dan 4 weken lager dan de minimaal gewenste grondwaterstand na 2019 is dit niet het geval. Rondom deze peilbuis komt bebouwing voor uit de periode tussen 1953 – 1959. De bebouwing is op houten palen met oplangers gefundeerd. In de directe omgeving van de peilbuis vindt nu sloop en nieuwbouw en reconstructie plaats. Daarbij wordt oude lekke riolering vervangen en wordt DT-riolering aangelegd. Daarmee wordt de grondwaterstand gereguleerd op oppervlaktewaterpeil en wordt het risico op structureel te lage grondwaterstanden weggenomen. 

Bij peilbuis 37 zakt de grondwaterstand in 2017 onder de minimaal gewenste grondwaterstand. Latere jaren is dit niet het geval. Deze peilbuis ligt in een groenstrook langs twee hoofdwegen (N201 en Industrieweg). Op deze locatie zal het effect van de lage grondwaterstanden dus beperkt zijn. In de omgeving bevindt zich echter ook bebouwing van voor 1945 of uit de periode 1945-1979. Het is aannemelijk dat hier op staal en/of op houten palen (met oplangers) is gefundeerd. Het is dus van belang om in de gaten te houden of hier in de toekomst de grondwaterstanden weer vaker onder de minimaal gewenste grondwaterstanden zakken. Vermoedelijke wordt de lage grondwaterstand veroorzaakt door oude lekke riolering. Momenteel vindt reconstructie van de Grote Kruising plaats waarbij oude riolering wordt vervangen. De verwachting is dat de grondwaterstand daarna zal stijgen.
De peilbuis is niet representatief voor de grondwatertand ter plaatse van de oude bebouwing. Daarvoor is de afstand tot deze bebouwing te groot. Peilbuis 37 is in verband met de reconstructie van de Grote Kruising verdwenen en komt te vervallen.

Peilbuis 50 laat grondwaterstanden zien beneden de minimaal gewenste grondwaterstand, het betreft een locatie die  in de dijk is gelegen en veel hoger ligt dan de omgeving. De grondwaterstanden zijn wel lager dan het maaiveld maar veel hoger dan het oppervlaktewaterpeil. In die zin is er geen sprake van een structureel te lage grondwaterstand. Omdat de peilbuis in de dijk staat is deze niet representatief voor de situatie in de naastgelegen woonwijk Oud-Krimpen. Dat blijkt ook uit de meetwaarden van peilbuizen 51 t/m 55 die in de wijk staan.